Verslag van de eerste inspectietocht, om een bunker uit kiezen

Logboek Julianagroep 23 mei 1945 Leen Haasnoot


"Na enige strubbelingen, veroorzaakt door werkzaamheden van den Heer Warmolth, inspecteur van politie, gaan Cor Parlevliet, Tynia Lodder, de inspecteur en ik, geleid door een Pool, in dienst van de B.S. naar de duinen. Onze spanning is ten top gestegen. Voor 't eerst weer de duinen in!!. We trekken langs de vuurtoren. Links woonde Huib. Om 't Zeehos heen. De krijgsgevangenen zijn bezig hun eigen mijnen op te ruimen. Zo naderen we de ingang van de duinen tegenover de plek waar ons vroegere troephuis lag.

De eerste stelling die we binnentrekken is bezet door de Engelsen. De kommandant herkent me nog van die zondag, toen we brutaal de duinen ingetrokken waren om een bunker te zoeken voor de Sea-scouts. Hij moest ons toen echter terugsturen: er zaten nog Duitsers in! Zo komen we bij het grote manschappenverblijf, dat ons aller belangstelling al zo lang getrokken had. Een prachtige grote keet. Helaas allemaal kleine kamertjes. Niets voor ons. Zou uitgebroken kunnen worden. Eerst maar eens verder kijken.

Zo belanden we in de grote bunker van de vroegere kommandant der kuststellingen. Nee! ongeloofwaardig voor hun die het nooit te zien zullen krijgen. Ingang: gewoon. Daarachter: een ruime gang met electrisch licht en centrale verwarming. Dan een prachtig mahoniehouten deur en we treden de eigenlijke bunker binnen. De Engelse sergeant, een vriendelijke Engelsman, die later blijkt na vele zwerftochten in de Londense politie te zijn gekomen, gaat voor. Slaapzalen, kaartenkamers, de keuken, wachtlokalen, telefooncellen, w.c.'s, douches, een blauw betegelde badkamer, koud- en warm stromend water en last but not least de zitkamer van meneer. Prachtig gepleisterde muren, eikenhouten meubels, dressoir, schitterend vloerkleed, indirecte verlichting, dubbele ramen met veel bloembakken.
Is 't een droom?
De politieman verontschuldigt zich: hij heeft niets anders over dan een groot glas jenever, ook voor de dames. En schipper, als je 't nog eens lezen zult, wat we vurig hopen: kijk me daar Baloe [Cor Parlevliet] eens zitten: een groot glas jenever aan haar lippen en ze wordt niet eens dronken. Alleen wat vrolijker!

Opgewekt nemen we afscheid van onzen vriendelijke gastheer en zijn bunker en verdwijnen aan de andere kant van 't fietspad onder de duinen door naar een ander manschappenverblijf. Kleiner, maar prachtige grote vertrekken. Helaas erg verwaarloosd. En erg donker. Helemaal ingebouwd
Zo komen we bij "Das Kino", nadat we enkele malen getracht hebben onder te duiken in de doolgangen der kuststellingen, die luchtdicht afgesloten kunnen worden van de buitenwereld en die ondergronds allen met elkaar in verbinding staan. Eenmaal in "Das Kino" kent onze enthousiasme geen grenzen meer. 't Is meer dan geweldig! Lucht en licht, een toneel, een flink verblijf voor eventuele patrouilles, een keuken, mijn heer! verblijfplaatsen, Jonge mensen! Als 'k dat gisteravond op de leidersvergadering van Leiden had kunnen vertellen hadden ze me vast en zeker van jaloersigheid het Leidse Raadhuis uitgekeken.

...

Toen we uit "Das Kino" de duinen omhoog klommen en een kommando-bunker bezochten, kende onze verbazing geen grenzen meer. Een stamhut, jongens. Een stamhut! Uitzicht over zee, van Scheveningen tot Zandvoort en over de duinen tot Leiden, Den Haag. Ongelooflijk. En wat we ondervonden, toen we het lazaret binnenkwamen kan ik niet onder woorden brengen. Misschien staat het wel ergens beschreven in een logboek van de Padvindsters.