Al voor het eind van de oorlog keek de vroegere padvinderleiding al begerig over het prikkeldraad naar de militaire gebouwen in de voor iedereen verboden duinen. Twee weken na de bevrijding, de Duitse krijgsgevangenen waren nog bezig hun spullen op te ruimen, regelden ze al met de Engelsen een rondleiding om iets moois te uit te zoeken. Een enthousiast verslag toont hun verbazing. Ze waren vooral op zoek naar (houten) gebouwen bovengronds, want de bunkers waren nu eenmaal gebouwd om bommen en granaten te weerstaan en hadden dus kleine, donkere kamertjes. Ze kwamen uit op "das Kino", een houten barak in de zeereep, iets zuidelijk dan de grote commandobunker in een (nu verdwenen) vlak gebied (vaak voor kamperen gebruikt). Ze hadden echter gerekend met een enkele groep en niet op de honderd jongens die even later op de stoep stonden. Ook werd de barak in de zomer van 1945 afgebroken om in Katwijk te worden gebruikt als tijdelijke woning voor de Katwijkers die hun woning in de "Atlantikwal" waren kwijtgeraakt.
Daarop trokken de groepen naar het grote hoofdkwartier, waar iedereen een deel van kreeg. Meestal verzamelde men zich op de Drieplassenweg, vanwaar ze naar de bunker marcheerden via het Zwarte Pad (nu Drieplassenweg-Sportlaan, genoemd naar de verharding van sintels en kolengruis uit de gasfabriek).
Schipper Vink mijmerde op een warme zomeravond van 1947 over de oude en nieuwe bestemming van de bunkers (De Verkenner(Henk Elsgeest, Logboek Juliana, Atlantikwal 1940-1945, Pim Hofkes)


 
 
De tunnel
 
 

Bestevaer/Juliana bunker



 
 
 
 
 

De uitzichtpost 
(foto: Atlantikwal 1940-1945)


Het nadeel van de Julianabunker was de lage ligging, diep in het duin. De bunker liep dan ook regelmatig onder water. Toen de Juliana en Bestevaer werden samengevoegd vertrok de Juliana dan ook snel naar de Bestevaerbunker.
 
 

Kerstmis 1948 met alle troepen in de Dorus Rijkersbunker

 
 
 
 In de winter
 Op de achtergrond
 de bunker van NPG
 en Abel Tasmanhorde
 
 
Abel Tasman 
bakshokken 
1954 

Rondleidingen
 
De bunkers spraken tot ieders verbeelding, toen en nu. De toeloop van nieuwe zeeverkenners was daar waarschijnlijk voor een deel aan te danken. Voor de rest van de Katwijkers werden rondleidingen gehouden, een aardige inkomstenbron.
 

Het vak van rondleider was niet bij alle leiders geliefd.

" Aan schipper de Geus en schrijver dezes legde men de vererende taak op een zwamhandleiding te fabriceren teneinde: 1e uniformiteit in 't liegen te bereiken, althans naar dit ideaal te streven en 2e 'n handleiding bij de opleiding tot misleidend rondleiden bij de hand te hebben."(groepsraad juni 1949)
"Rondleidingen: Deze leveren tot op heden lang niet zoveel op als het vorig jaar. Eén der oorzaken is waarschijnlijk de niet juiste aankondiging: rondleidingen van 6½ - 9½ wordt door veel aspirant bezoekers opgevat alsdat men een tippel van 3 uur door de Katwijkse catacomben zou moeten maken. Een verbeterde aankondiging is dus nodig en daartoe wordt besloten." (groepsraad juli 1947)
"Bovendien wordt er half mei in ons dorp een congres verwacht van ouderlingen en diakenen der Herv. kerk en Grijsbroer Brouwer van de P.C. zal als een echte Gids zijn uiterste best doen zijn collega's ambtdragers allen de bunkers in te leiden, à raison van 1 kwartje per persoon. Voorgesteld wordt, dat Jan Vink aldaar een bunkerpreek voor hen zal houden, buiten bezwaar van onze kas. Maar deze suggestie wordt niet au sérieux genomen door hem." (groepsraad april 1947)


Verlichting

Een belangrijke technische voorziening was de generator voor de lichtvoorziening.
 
"waarna de hoofdschotel van de avond werd aangesneden. t.w. de inmiddels reeds gekochte lichtinstallatie, voorwaar een oplichterstruc van den A.D.C., die de zaak echter zó wist te belichten, dat het een lichtpunt voor de Katwijkse padvinderij schijnt. We zullen hopen dat de schone schijn van de vele lampen dra in de duistere bunkers mogen stralen. De installatie, groot 50x70 cm, zijnde motor + dynamo, waar dan nog bij behoort een later verschijnende accu kost de verenigde groepen f 550.-" (groepsraad april 1946)
"Er wordt besloten om een tweede motor voor de verlichting te kopen. Die is er trouwens al. Verdere uitleg van de machine snapt de secretaresse niet, wordt u bespaard. Jan begrijpt het gelukkig ook niet, belieft het technisch gebazel te noemen. Met deze nieuwe motor kan er voortaan geschemerd worden, elektrisch gekookt en binnenkort gaan we pas naar huis als we onder de douche geweest zijn. Zonder veel gezeur wordt het dubbelpolig hefboomplan goedgekeurd." (notulen groepsraad, nov. 1948)

Op het tafeltje liggen het (nog bestaande) bezoekersboek en het aggregaatlogboek waarin de draaiuren stonden vermeld. Dit werd ook wel het leugenboek genoemd, vanwege de vele pogingen van jongens om hun aanwezigheid buiten de officiële uren te verdoezelen. Natuurlijk was hiervoor wel eigen benzine nodig, want anders klopte de rekening niet. (Henk Elsgeest)
 

Kampeerterrein

Een andere bron van inkomsten was het gebruik als padvinders-kampeerterrein. Voor zomerkampen, maar ook voor een overnachting in een trektocht. Hiervoor was een kampeervergunning en zomers was er een terreinbeheerder, zoals Henk Elsgeest, die meerdere jaren in de zomer op het terrein sliep (en studeerde). Meestal in de bunker, maar bij mooi weer buiten in de open lucht. In het bezoekersboek werden veel enthousiaste (en mindere) reacties opgetekend.
 
 
Het einde

In 1956 eiste het leger de gebouwen op om er een zendstation te vestigen. De padvinderij trok met spijt naar een ander, zuidelijker gelegen bunkercomplex
 
 

Alles werd afgebroken en verbrand.