Terug naar Bestevaer
1990 1991 1992 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999
foto's foto's foto's foto's foto's foto's foto's foto's foto's foto's
Vinkeveen Nieuwkoop Westeinder Vinkeveen Nieuwkoop Westeinder Veere Vinkeveen Nieuwkoop Biesbosch

 

Zomerkamp 1990 (samen met de Julianawacht)

Vinkeveen, eiland 16 van De goede Vangst

Schipper: Johan Hazekamp
Stuurlieden: Peter van Ruler, Kees van de Mey
Opperbootslieden: Ben Klok, Carry Guyt, Rene Slootweg, Robert Sneyders, Peter Nijenhuis , Stefan van Vreedendaal, Sander van der Wouden
Opstappers: Aart Haasnoot
Bezoekers: Van Woesik
Boten van de leiding: Ouwe Raev´, Rosie, Ruifelaar (schouw 14), Skip, Juw Vletje

Neptunus: Jan Hazekamp (op de 28e der hooimaand)
Trawanten: (selectie welpenleiding)
Demonbox: Marlies Haasnoot
2 mtr perstapijt: Dirk Elsgeest
The Mosselman: Jack Haasnoot
Coeno Vais lip no more: Coen Huigen
Harry net niet of toch wel: Harienet
Jor de 1e: Johan de Ridder
B.J.B.: Jan Brussee

Dopelingen:
Dorien Slot: Door de kwakende zalfkanis
Erik van de Plas: Erikus de.de.de babbelende kwebbelbox (50 ct. per minuut)
Lenneke van de Bent: Leun van Visstickklopper tot zeemeermin
Aafke Maitimo: Kneel de tamme krullenkruller
Martijn Russchenberg: Martinus van Grieppieper tot baksjong
Fabian Sloots: De leuterende Cemterparcs-kneuter
Kees de Mooy: Cornelis terug van weggeweest
Arend Nyenhuis: Aai de 10-tons klompenkluiver
Arjan van Duyvenvoorde: Arie den dreuge giekkopper
Eveline van Rhyn: Eef de dijenbijtende surf-pitt-bull
Jeroen Minnee: Jeronimus Huttekucher

Stefan van Vreedendaal: Steef de parttime Rooie dozen Voozer
 

Programma:

Trektocht via Kaag, Ringvaart, Drecht,  Amstel-Drecht Kanaal, Kromme Mijdrecht, overnachten bij Pondskoekensluis, tweede dag Kerkvaart, Ringvaart om Groot Mijdrecht naar de Vinkeveense Plassen en eiland 16.

Het zomerkamp heeft als thema de toekomst en de sterren. We bouwen een futuristische poort aan ons terrein en naaien insignes aan de blouse volgens de dierenriem. Een topper was ook het nachtelijk sterrenkijken in de slaapzak onder de blote hemel. Boek en zaklamp erbij en later zelf de sterrenhemel naschilderen op een laken.
De kampkrant “De Plaggenpletter” wordt gretig gelezen maar vanuit het geniep wordt verzet geboden tegen deze propaganda van de leiding. “De Waarheid” komt uit in een aanvankelijke oplage van 1 stuks en later, na omkoping van de fourageurs, in een voldioende aantal om de hele troep de waarheid te laten lezen. De redacties schuwen geen enkel middel elkaar met de pen te bestrijden!

De Zeerobben en Bruinvissen bouwden de vlet van de toekomst en lanceren zichzelf hiermee over een legakker. Het geweld van alle zeilen was teveel voor het achterste mini-roertje (standaard vlet roer) en het projectiel bleek onbestuurbaar. Brekend en scheurend pionierhout, een kluwen zeeverkenners tegen het voordek maar gelukkig allen ongeschonden. Ter leering ende vermaeck!

Het kamp komt vrij met de schrik als één van ons verkenners naar ziek huis gaat en daar Meningitis (nekkramp) ontwikkeld. Na een lang ziekbed is deze gelukkig geheel hersteld. De Zeerobben-bak moet preventief worden behandeld met pillen die de urine verontrustend deed verkleuren. De eerste walkantplasser, de ochtend na de eerste pil, kleurde zelf wit bij de aanblik van een koninklijke straal, maar durfde niets te zeggen. Later in de rij wateraars brult iemand “hé gasten, ik zeik oranje..” waarna de rest opgelucht adem haalde.

We ontmoeten in Vinkeveen onze vrienden uit Wassenaar (Van Woesik) en doen wedstrijden en een postenspel waarbij onder luide hilariteit de heren schippers een wedstrijd HUDO-legen uitvechten (gewonnen natuurlijk!). We betrekken onze groenten en vooral het luxe en zachte fruit (meloenen, perzikjes) van de Rick Schmall zoon van een markt-groenteman. Aan vitamientjes geen gebrek dus, en reden tot pit-spuug wedstrijden na de watermeloen.
Na het dopen verrassen we de dopelingen op een Captains-dinner. Mooi gedekt aan een lange tafel mogen zij rijsttafelen terwijl de troep “nog even mag schoonmaken”. De troepsfourage bestond vervolgens uit een eenvoudige broodmaaltijd en een zakje soep in contrast met de rijsttafel. Deze opzet was als grap bedoeld naar het kader toe en met name om hun iets zelfbewuster en weerbaarder te maken. In de leidingtent stond voldoende rijsttafel klaar voor de gehele troep, wij wilden de reactie van het kader toetsen. De reacties liepen uiteen van zeer opstandig tot flexi zoeken naar een alternatief. Sindsdien aten we na de doopceremonie een gezamelijk feestmaal.

Op de ouderdag bieden we de ouders de kans om s’avonds met ons mee te eten, in dit geval een BBQ. Dat wordt een succes welke we voortaan prolongeren.
 


Zomerkamp 1991 (samen met de Julianawacht)

Nieuwkoop, Gemeenteterrein langs Gemeentelandsvaart

Schipper: Johan Hazekamp
Stuurlieden: Peter van Ruler, Carry Guyt, Rene Slootweg, Peter Nijenhuis
Opperbootslieden: Robert Sneijders
Opstappers: Wendela de Ridder
Bezoekers: teveel w.o. Aart Haasnoot
Boten van de leiding: Rosie, Skip, Schouw 19

Neptunus: Johan Hazekamp
Trawanten:
Robert Sneijders
Esther Houwaard
Peter van Ruler: Petrus den Domme Belg
Nel Dekkers: Vette Nel

Dopelingen:
Cindy van Leeuwen: Cinderella van Riemenmisser tot Bakboordpisser
Mendy van der Marel: “Van Baksbazin tot Siederslavin”
Maartje Maitimo: Marina Watervergassende stortbakballerina
Monique Ketting: Kermie de Narrige Vlokfrog
Marjolein Pen: Margje van Penneset tot Berepret
Marielle Plug: Marie de vrat ut wel maar ‘k mos ut niet
Karin van Dijk: Karina de Wit gewierde Manneknakker

Nel Dekkers: Nelia van Stortbuikrijser tot Bikinihijser
Esther Houwaard: Es de Ochtend humeurige Boere koffie kist

Programma:

Het materiaal van Bestevaer en Juliana gaat vooruit. De troepen maken een trektocht via Kaag - Koppoel richting de Does, de Brasemmermeer langs Langeraar en het Aarkanaal naar de Zegersplas bij Alphen aan den Rijn. Overnachten bij De Bonte Kraaien aan de Zegerplas. De volgende dag via Aarkanaal en Oude Rijn naar Zwammerdam om via het Zuideinde van Nieuwkoop binnen te varen. De troep wordt begeleidt door het Skip met 4 man leiding. Na de Ziendesluis racen de jongensbakken om het hardst natuurlijk.

Het kamp draait rustig op de routine van het kader. We zwemmen veel en doen diversen spelen die met name de creativiteit en spitsvondigheid toetsen. Zeilwedstrijd tegen de Juliana op de Noordplas.
De zeerobben schaffen in het diepste geheim een water-wapen arsenaal aan om enige oppers van repliek te dienen.  De leidingstafel staat buiten en bij het uitborstelen van de naden in de tafel (na de afwas) maakt een van de jongedames zichzelf onsterfelijk door te beweren dat zij ook een borsteltje voor de gleuven hebben…… Helaas beste lezer, de schrijver dees’ verslag is veel te discreet!

In dankbare herrinnering aan en om de wrange smaak van gemis van onze Snokker dit kamp te verzachten playbacken we aan tafel het motorgeluid. De sleutel van de Snokker is echter mee en daarmee wordt ritueel iedere dag de motor gestart. Het zachte geklop van de diesel (citaat ter herinnering “….. het onding bonkt en stoot als een nukkige ezel …….”) wordt geimiteerd door met de voltallige staf ritmisch met 1 vuist op de tafel te meppen terwijl de andere hand de borden en bekers red. Mijmerend in de avondzon neemt een plan voor een financiele injectie voor de Snokker vormen aan.
 


Zomerkamp 1992

Westeinder, Terrein van Scouts uit Rijsenhout

Schipper: Johan Hazekamp
Stuurlieden: Peter van Ruler, Carry Guyt, Rene Slootweg, Robert Sneijders
Opperbootslieden: Nelleke Dekkers, Manon Wouda, Gerben de Zwart
Bezoekers: Aart Haasnoot, Peter Nijenhuis
Boten van de leiding: Snokker, Skip en Ruifelaar (Schouw 14)

Neptunus: Jan Hazekamp
Trawanten:
Gerben de Zwart: Ome Gerrit, Manon Wouda: Miss Piggy, Nel Dekkers: Vette Nel

Dopelingen:
Anita Luimes: Ansje van Zeeschuim-snurkster tot Pronkerige drie tieter
Cleo Dubbelaar: Cleopatra de Blondgetooide krattekopster
Ronald Onderwater: Buur Das Boot(s) sloper …….. (bliep)
Michiel Slot: Gilles de vragende wrikdiplomaat
Ewout Voight: J.R. de moppentommelende Aspro-junk
Wouter Spies: De snorkelende knocktailprikker
Alain Mulder: Al je hoort hem niet, maar hij is er wel
Almar Gregorowitsch: Aal de tassenzeulende dolboorddanser
Marco van Rijn: Marcus de listdragende ritsenkiller

Manon Wouda: Mensje van Rawhide tot Langstrumf….(klops)
Gerben de Zwart: Dagobert van Snokkerplokker tot Brodenpisser
 

Programma: (Johan Hazekamp, 2005)

We maken een trektocht naar de Westeinde via de Kaag waar we een eerste overnachting maken op het Boterhuiseiland. De volgende morgen via de Kaag, Boerenbuurt en de Ringvaart om de Haarlemmermeerpolder naar de Westeinder. De wind valt weg en het laatste stukje haken we aan. De kreekjes zijn zeer (haaks-)hoekig en lanzaam-aan slepen we de vletten erdoor. Zo nu en dan is het Skip al twee hoekjes om als de laatste vlet nog haaks-om moet. Zachtjes doortrekken en elke vlet stuurt zelf met het zwaard omlaag om een eigen draaipunt te creeeren.  In het doolhof van kreekjes raken we zogenaamd bij het aanvaren vanaf de Blauwe Beugel de weg kwijt. Aanvankelijk maakten we een grap maar in werkelijk weten we echt de weg niet meer. Inmiddel geloven de zeeverkenners niet meer dat we verdwaalt zijn en denken dat wij een grap uithalen. Slechts een enkeling merkt achteraf op dat we toch wel een vreemd rondje zijn gevaren.

Dit zomerkamp aan de Westeinder herrinner ik mij (JH) als één van die goed verlopende kampen waarin weer en sfeer uitstekend zijn. Het zal mijn laatse kamp als dagelijks schipper zijn en ons eerste kamp weer op ons zelf als Bestevearwacht zonder Julianawacht.
Westeinder en Aalsmeer dus het kampthema wordt ge-ent op de studio´s van Endemol, een noviteit in die jaren met commerciele TV! Het programma stond bol van tv spelletjes waarbij de topper misschien wel “de Uitdaging” was. Een bak heeft koeien heeft gemolken, een andere bak is meegevaren op een RP-zoveel bij 7 beaufort, de derde zich heeft gefotografeerd onder hun vlet en de vierde  …..tja vergeten. Bij de opening doet de dienstbak dagelijks een commercial. De bonte avond was een ouderwets avondje voor de buis voor en door onzelf met soaps en reclame!
Op het kleine eiland maken we weer eens kooktafels die lekker gezellig dicht tegen elkaar aan liggen. De soppige grond maakt dat de tafels per dag enige centimeters verzakken en herbouwd moeten worden. De tweede week regent het wat meer en gelukkig past de Squad eroverheen.
Tijdens het kerkbezoek, waarbij de schipper zich als vanouds wist te drukken begint het te storten. We drinken nog even koffie en limo met de kerkgemeente en raken gedouched tijdens de terugvaart. Niemand heeft een regenpak aan….het was toch mooi weer!
Door de stevige wind worden de papsen en mamsen doornat bij een zeiltochtje in de vletjes maar drogen gelukkig snel op als ze aan de wal zijn.

Nieuw op kamp dat jaar was onze eigen Snokker, die met een fonkelnieuwe motor haar nut bewees in de ondiepe, smalle en hoekige kreekjes tussen de boomgaardjes. In laag water is een zeer katrakteristiek gezang van de schroef hoorbaar. Onbelast en op volle kracht tegen 6 Beaufort in wordt je tot in de bilnaad nat. Een prachtschuit!

 


Zomerkamp 1993

Vinkeveen , eiland 13 van St. De Goede Vangst

Schipper: Johan Hazekamp, Peter Nijenhuis
Stuurlieden: Peter van Ruler, Robert Sneijders, Carry Hoek (-Guijt)
Opperbootslieden: Nelleke Dekkers, Manon Wouda, Gerben de Zwart
Boten van de leiding: Snokker, Ruifelaer Schouw 14, Skip

Neptunus:   Johan Hazekamp
Trawanten:
Roberto Michelangelo veenstreper: Robert Sneijders
Ome Gerrit de Waspesnapper; Gerben de Zwart
Dikke konteknaagster: Manon Wouda

Dopelingen:
Anouk van de Tas: Anoeska van Lackbek tot Plaknek
Kimberley Dom: Kim de kwelende koordenkreunster
Kelly Soriano van Rijn: Ma de gelaarsde kazenknaagster
 

Programma:

Trektocht naar Vinkeveen traditioneel over de Kaag, de Ringvaart om de Haarlemmermeerpolder, Drecht,  Amstel-Drecht Kanaal en de Pondskoekersluis (overnachten). Tweede dag via de Kerkvaart en de Ringvaart om Groot Mijdrecht naar Vinkeveen. We kamperen op eiland 13.

Het thema van het kamp van Turbo, Energie en Toekomst. In dit kader zijn de vletten omgebouwd in futuristische boten die wel twee vletten lang zijn en een zeer scherpe punt hebben (een paar steigerplanken doen wonderen). Het nadeel van futurische boten is dat ze erg moeilijk door de wind kunnen en dat er dan wel eens een eiland in de weg ligt.

Tijdens het kamp wordt een te dure dagtocht omgeleid om voor een prikkie over Abcoudermeer te varen. Goedkoop want bijna geen enkele brug hoeft open of kan gewoonweg niet open. Bij een te lage brug in deze reeks wordt een vlet volgeladen met troepsleden om er onder door te kunnen zinken.

De dopelingen worden door Neptunus ontvangen op hun eigen eiland. De tribune zit vol met buurtbewoners, kampeerders bij de Goede Vangst die smullen van een ontgroening. We krijgen echter ook complimenten over de orde en netheid van ons kampement en onze troepsleden.
 


Zomerkamp 1994

Nieuwkoop, langs de gemeentelandsvaart

Schipper: Peter Nijenhuis
Stuurlieden: Peter van Ruler, Robert Sneijders
Opperbootslieden: Gerben de Zwart, Nelleke Dekkers, Manon Wouda
Opstappers: Saskia Sieders (1 week +)
Boten van de leiding: Snokker, Aeolus Schouw 16

Neptunus:  Johan Hazekamp
Trawanten:
Johan de Ridder: Job Graskop
Lotte de Ridder: Minitrien
Peter van Ruler: Petrus den Domme Belg

Dopelingen:
Paul van Kruistum: Remi de dolende sheep-shaver
Annemiek Meijvogel: Annemien de bloedende ballentrien
Krista Verdoes: Christina van Veentroep tot Schapenpoep….gatver
Jan-Maarten van den Oever: Maert, de zwaigende botenknoper
Trude Guyt: Trui, van Mokkenpakker tot Kristaplakker
Simone Schuitemaker:  Simoon de automatische hudoflusher
Geertje Haasnoot: Geetrui; Bob, Bob, Bob, Bob,……. Doetz ze het wel of Doetz ze het niet
Kees Nijgh: “Wie laat de fok nou zakken?” ………Ikke niet

Saskia Sieders: Moek, de roze koelkastkloek

Programma:

De route voor de trektocht verloopt via Kaag, Ringvaart om de Haarlemme meerpolder, Drecht, Amstel-Drecht Kanaal en de Kromme Mijdrecht. Voor 1 nacht in en uit de Pondskoekensluis en de volgende dag de Kromme Mijdrecht af naar het Noorden van Nieuwkoop.

De dag voor het dopen wordt de troep wijsgemaakt dat ze zullen gaan koken op turven die ze zelf moeten drogen. De troep schept bakken vol met veen. De volgende dag wordt dit gebruikt door de Zeegod om de groenzoeters te dopen op de monsterol van Bestervaer.

Andere opvallende acties waren de kabelbaan waarmee een wilgje uit de walkant werd ontworteld en de lectuur van de stuur …….! Verder zit Peter van Ruler het hele kamp met zijn been rechtuit. Dit moet wel een oorlogswond zijn want Peter is net terug uit Joegoslavië voor het leger na een periode van 6 maanden. Wil je echt alles weten dan moet je Peter eens vragen op welke manier je het beste een gasfles van de tentenzolder kan halen...

Tijdens het kamp ontstaan enkele illegale kampkranten (Nieuwkoop Times) onder aanvoering van de bootsen Luimes en Do. In deze kranten lezen we onder andere


Zomerkamp 1995

Westeinder, Gemeenteterrein aan de doorvaart naar Grote Poel

Schipper: Gerben de Zwart
Stuurlieden: Robert Sneyders
Opperbootslieden: Bert Rik, Mathijs van Rijn
Opstappers: Ben Klok, Johan Hazekamp, Carry Hoek
Boten van de leiding: Snokker, Vletje Juw, Schouw

Neptunus: Johan Hazekamp
Trawanten:
Minitrien, Dochtre Johan de Ridder
Paelingvel: Rene Slootweg
P. Pan, Stefan, zoon van Johan de Rider
De Paipekop, Johan de Ridder
D.K.Z. (door kijk zak)

Dopelingen
Noelle Wouda: Noel wat een lol, met haar tassen vol met traktatierol
Wouter Knol: Knol de houthakker op hol
Marloes van der Kinden: Marloes van Arendplakker tot Badpakzakker
Fleur van Arkel: Floor kwebbeloor, babbelt aan een stuk door, ik wou dat ze d’r tong verloor
Sandra Dreef: San, beter een natte broek in de mast dan tien in de kast

Bert-Rik de Zwart: Kees van breakie-break tot Snokkerteak
 

Programma:

Het kamp staat in het thema van Hollywood en daarom hebben we ook de opnames van “Zonder Ernst” bijgewoond. Met dank aan de ouders van Jan van Rijn sluiten we het kamp af met een enorme barbecue.
Andere hoogtepunten waren de geel geverfde Snokker als Baywatch speedboot door Johan en Bert-Rik (helaas was de verf toch iets (sch)Robvaster dan we dachten), het wegsturen van de toeristen van ons kampterrein en de James Bond middag. Tijdens deze middag zijn de jongens afgebeuld door Carry en de meiden zijn heerlijk verwend met een relax middag en allerlei maskertjes: wat is het leven toch oneerlijk!

Verder zal ook niemand het schuurfeest van de eerste nacht vergeten. Tijdens de trektocht kamperen we in de buurt van de Braasem met de hele wacht in het weiland van boer Visser. Dezelfde nacht wordt er in Oost-Langeraar een schuurfeest gegeven en moeten alle boerenzonen uit West-Langeraar langs het kampterrein hiernaar toe. De meiden nodigen deze boerenzonen uit om op de terugweg nog even langs te komen. Midden in de nacht komen ze langs voor tent nummer 3. Bij tent 3 aangekomen, via een sloot met water, stonden ze oog in oog met ons meedogenloos vrouwelijk leidingslid Nelleke. Na wat licht duw en trekwerk werden de vijf boerenzonen van het terrein verwijderd (via sloot of hek). Na dit gebeuren keerde de rust weder op het gebrul van de breekbekkikkers na.

Kampspreuken:

De laatste kampkrant geeft de goede sfeer tijdens het kamp  weer:
Mijmeringen bij een afscheid
"Starend over de manilla lijnen van de Scarab (Baywatch kampnaam voor de Snokker), komt langzaam het besef dat ook een 14-daagse film een einde heeft.... Weg snurkbunker, weg welriekende hudo, weg mugjes, weg zwemfeest, weg de verrukkelijke maaltijden, weg stinksloot, weg olielampje in de vlaggemast.... Om me groot te houden draai ik me om. Tranen vertroebelen het zicht op de ingang van het kampterrein dat weldra ver achter mij ligt.
Voor ons, na de laatste bocht links om, ligt dat rotte pontje dat de laatste barriere is tussen mij en mijn thuis. Weer voel ik tranen opkomen en wederom draai ik me om. Plotseling zie ik ook de waterlanders van mijn mede lotgenoten. Wij zijn ineens niet stoer meer. We huilen.... om het weerzien met paps en mams, om het einde van het kamp, omdat we moe zijn, om het afscheid van de leiding, om Gerbie en Bertje, om BenjaminBen, om Carry en Johan, maar vooral omdat we naar huis toe gaan.
Hierop kunnen we maanden teren en sterke verhalen vertellen, de dia’s en foto’s bekijken, maar als m’n ogen gaan branden, draai ik me toch weer om. Als de auto wegrijdt tel ik de dagen af.... die mij tot het volgende zomerkamp scheiden."



Zomerkamp 1996

Veere, Scoutcentrum Zeeland, 23 juli - 1 augustus

Schipper: Gerben de Zwart
Stuurlieden: Robbert Snijders, Nelleke Dekkers
Opperbootslieden: Bert-Rik de Zwart, Matthijs van Rijn
Opstappers: Linda Adriaanse, Anita Luimes, Dorien Slot, Arend Nijenhuis
 

Neptunus: Johan Hazekamp  (op de 23e der hooimaand)

Dopelingen:
Thijs Noyons: Thuispost Thuis, met handboek op reis
Jennifer  Hazekamp:  Jenny van frikkelol tot klittebol
Arie Haasnoot: Aer, benne de piepers al gaer?
Pieter Dreef: Pietertje druk, op zoek naar een stuk
Adriaan van Duijn: Adrie, van Guldenmikker tot vlottenpikker
Georgianne Pijttersen: Sjoop, de nortukse cycloop
Peter Kralt: Petertje van podiumsloper tot boerenverkoper
Erwin Jonker: Urwin de fixende bakkenmixer
Richard van der Plas: Ries van Macroheuler tot bakkiezeuler

Dorien Slot: Do, de ronkende pruikenpronker
Anita Luimes: Pien, de brullende disco queen
Arend Nijenhuis: Aai, King of the female jungle
Linda Adriaanse: Lin, de kontenknagende koffiedrager
Matthijs van Rijn: Scrooge, van opper tot supperbonnenstopper
 

Programma:

Voor het zomerkamp in Veere hadden we 5 vletten geleend van de Jacob Valcke Groep uit Goes. Verder mocht natuurlijk ons nieuwe Frikkebol niet ontbreken. Met de vrachtwagen van papa Dreef hebben we de zaterdag voor het kamp alle spullen, inclusief Frikkebol, naar het kampterrein gebracht. De beheerder van het kampterrein had nog nooit een groep gezien die zoveel spullen meeneemt op kamp.

Het programma stond in het thema van de Olympische Spelen. De eerste avond werd de olympische vlam op het kampterrein gebracht. ’s Avonds toen iedereen sliep kwam Zeus langs om de vlam terug te halen, want de Bestevaer heeft de vlam niet verdiend. Pas als we medailles verdient hebben komt Zeus, die erg leek op Matthijs, terug met de vlam. De namen van de bakken waren veranderd in China, Amerika, Frankrijk en Zimbabwe. Verder krijgt iedereen een t-shirt in het kampthema (made by Nelleke).

Hoogtepunten of dieptepunten tijdens het kamp was de trommelaar midden in de nacht naast de tent van de Zeerobben, de dropping op een eiland (hierover kunnen Maartje en Geertje nog steeds boos worden), en het zeer koude zwemwater waarin Erwin een paar graden afgekoeld is.

Wist je dat tijdens het kamp...

Bestevaerlied te Veere (onbekende wijs)
 
Dinsdagmorgen op de bus
We hadden het heel erg knus
We waren er heel erg snel
Het weer werd al gauw beter
Het uitladen ging zeer vlot
Aan het einde waren we kapot
De spirit zat er lekker in
Het kamp kan nu beginnen

Refrein: Bestevaer aan het Veerse Meer

De tweede dag ging vlot van start
De wind waaide erg hard
De golven waren huizen Hoogachtend,
Maar dat kon ons niet deren
We zeilden constant heen en weer
Over het Veerse meer
’s Avonds eindigden we de dag
door bij het kampvuur te bivakkeren

Donderdag de derde dag
Iedereen denkt dat alles mag
Maar dat was al snel afgeleerd
Door streng te inspecteren
’s Middags nog een dorpsbezoek
Zakken chips en bergen koek
’s Nachts was er een hevig gekreun
’t was niet te verteren

Vrijdag naar de discotheek
Dat maakte goed de hele week
De dames maakten zich zwaar op
Ze waren daarna op en top
We liepen op een eiland rond
En we stonden in de koeienstront
De disco was er echter niet
’t was een grap van Aniet





Zaterdag naar de dam
Het duurde lang voor Geertje kwam
Teruggekomen op het kamp
Wachtte ons een grote ramp
Daar zat Neptunes op z’n troon
We bleven nu niet langer schoon
We kregen een koude zeewier doop
Waarna Erwin de drank opzoop 

En zondag op het Veerse Meer
De ouders kwamen op het kamp
Ze vulden onze voorraad aan
En wilden daarna maar niet gaan
Na de broodjes en sate
Namen ze ook nog Arie mee
’s Avonds nog een smokkelspel
Dus dat was ons dagje wel

Maandag zwemmen in de kou
De ellende was al gauw
Erwin was een beetje onderkoeld
Zo was het ook weer niet bedoeld
Hij was er snel weer over heen
Na veel aandacht van iedereen
Want Nel ging met hem mee naar bed
En heeft daarmee zijn leven gered

Dinsdag met heeeeeel erg veel zin
Gingen we Veere in
Ansichtkaarten weer gejat
Gingen we op dievenpad
’s avonds koken op een vuur
Pannen op een stenen muur
Bij de mannen kwam het niet op gang
Daar kwamen natuurlijk brokken van

En woensdag Geertje aan de rees
Het was de hele dag gesjees
Spetterpoep van hier en daar
De kloten zaten in der haar
Dit was nu de Bestevaer
We zien je graag weer volgend jaar
We hopen dat het erg leuk was
Samen aan de Veerse plas


Zomerkamp 1997

Vinkeveen, Eiland 21,  7 - 17 juli

Schipper: Gerben de Zwart
Stuurlieden: Robert Sneijders, Nelleke Dekkers, Bert-Rik de Zwart, Matthijs van Rijn
Opperbootslieden: Arend Nijenhuis
Opstappers: Marco van Rijn, Geertje Haasnoot, Anita Luimes

Neptunus: Jan Hazekamp (op de 7e der hooimaand)
Trawanten:
Marco van Rijn: Marc, de bulderende HUDO checker
Geertje Haasnoot: De GGS (de gillende gerotische slaper)

Dopelingen:
Nicolien Ouwehand: Niek de giechelende trien, heb je haar nu wel of niet gezien?
Marjolein Ravensbergen: Leintje klein, aan Aim kleven is fijn, doet je nageltje nog pijn?
Marc van Ruler: Marc, heel fotogeniek, maar vooral Leontienfreak
Daniel Pols: Daan, de boomklimmende kassabaviaan
Arjan Pols: Ar, van bootsman-sputter tot broertjes-opjutter
Laura Hazekamp: Lau, springen nou, …….voor twee zakken chips doe ik het voor jou
Eveline van Delft: Eef, van poepschoen tot achteruit roei kampioen
Jaap Nijgh: Kampfobia Baap, lol gaat voor slaap
Chiron Challik: Kier, de galante scouting-fanaat die graag in de kampkrant staat
Stefan Pols: Stefaan, de struinende pillenslikkerbaviaan
 

Programma:

Het kampthema was “Het Wilde Westen”. In dit thema hadden we het kampterrein aangekleed, inclusief een groot bord met de tekst “Bestevaercity”, twee koeie-schedels en vier koeienkaken. De koeienkoppen waren nog niet helemaal schoon en gingen tijdens het kamp dan enigszins ruiken in de zon. Een aantal zaken hebben een andere naam: Bruinvissen = De Blauwbloezen, Zeerobben = De Daltons, Inktvissen = Pocahontas, Dolfijnen = Sioux, Snokker = Jolly Jumper, de haven = de stal en de vlaggemast noemen we de totempaal. Alle spelen zijn dan ook in het thema zoals het Columbusspel, Cavaleriespel, Fijn in de woestijn, dorpsfeest, Pek en veren (dopen), Lucky Luck en het woudlopersspel.

Wist je dat tijdens het kamp:

Als adviezen voor de ouderdag schrijft de kampkrant:
Gedragsregels voor kinderen tegen hun ouders:
  1. Blijf vriendelijk ook al vind je dit soms moeilijk
  2. Als ze vervelend zijn... zie hudo
  3. Geef ze thee of koffie ook al lusten ze dit niet
  4. Laat ze gerust zeilen, maar blijf zelf achter
  5. Vergeet niet om geld te vragen
De laatste dag schrijft de kampkrant:
“Een laatste dag, een laatste keer naar de hudo, een laatste keer door de leiding gewekt worden. Al die dingen die de laatste dagen zo gewoon zijn geworden zullen al snel tot het verleden behoren. Het bonken van de boot zal al snel uit het dagelijkse leven verdwijnen. Je bedenkt dat de afgelopen dagen wel heel erg snel voorbij zijn gegaan. Eigenlijk wil je er nog niet aan denken, maar je weet dat het nu echt weer voorbij is voor dit jaar. Maar ook is er de gedachte dat er na kamp nog meer leuke dingen zijn. En natuurlijk is een er nog een grote troost, volgend jaar is er weer een kamp.”

Het programma wordt mooi samengevat in het slotlied van de bonte avond:
 
Refrein:
Feutus, feutus
Dit is ons kampwoord
Wij vonden het gezellig
Zoals het ook hoort

Het begon met een trektocht,het was erg heet
Want ondanks het zwemmen zaten we toch onder het zweet 
Maar na een tijdje kwamen we toch aan
Ja Vinkeveen we komen eraan

Toen wij hier kwamen was het leeg en kaal
Maar binnen twee dagen stond het allemaal
Daarna dus zeilen, het verkennen van de plas
Toen fijn in de woestijn, lekker darren in het gras

Stoer ja heel stoer kwam de woensdagnacht
Ze bleven een nachtje over, wie had dat gedacht
Droppen dat ging toen ook al niet meer
En er kwam dus ook geen volgende keer

Kanoen, kanoen het viel niet echt mee
Eerst gingen de jongens en later groep 2
Dit waren de meisjes, maar kano’s tekort
Dit kwam door de jongens, ze misten een bord

Neppie, Neptunes kwam ook op bezoek
Hij doopte de kleintjes, hun namen op een doek
De ouders die kwamen, dit was toch een feest
Zo’n grote afwas was er nog nooit geweest

Bomen klimmen is wat de jongens graag doen
Vooral na een wedstrijd, vanavond eten we meloen
Wij vonden het gezellig en ook erg fijn
En hopen volgend jaar weer met jullie samen te zijn.


Zomerkamp 1998

Nieuwkoop, Kampterrein B2, 13-25 juli 1998

Schipper: Gerben de Zwart
Stuurlieden: Matthijs van Rijn, Arend Nijenhuis, Anita Luimes
Opperbootslieden: Marco van Rijn, Jan-Maarten vd Oever, Richard vd Plas, Kimberly Dom

Neptunus: Johan Hazekamp
Trawanten:
Richard van der Plas: Nico, de stalen stamppot happende eye-blinker
Kimberley Dom: Kitchen Kim, van kinderaaister tot niet-vlaggennaaister
Jan-Maarten van den Oever: Royal maert, the non-sucking foliemummie…voor effe

Dopelingen:
Linda Verdoes: Lin de plonsende tandenborstelpronkster
Herma Ouwehand: Het is rood, het wrikt, het knaagt en het lacht….’t is Hermie
Hans van Duijn: Hans Hazes, de steigerbewandelende gelpot
Jeffrey Eikelenboom: Jef, van behulpzame putjes-schepper tot troepsoppepper
Maayke van Ruler: Rulie IV, ik heb liever spa dan b…
 

Programma:

Alle deelnemers krijgen een T-shirt met het kamplogo. Speciaal voor de meiden is het t-shirt blauw want wit schijnt door te schijnen! Gebeurtenissen die iedereen zich nog zal herinneren zijn de hoge brandnetels, de zelfgebouwde steiger, de schimmentocht die toch wel erg eng was, de paarden op het kampterrein en de bonte avond.

De kampliederen van de bonte avond geven een leuke beschrijving van het kamp:
 
Wijs: ‘Daar in dat kleine café
Daar op dat grote eiland in Nieuwkoop
Daar liggen de brandnetels op een grote hoop
De steiger die zakt al in de grond
En de kinderen darren in het rond

Wijs: ‘Onbewoond eiland’
De eerste dag de trektocht
Dat viel ons reuze mee
Lekker zeilen voor het windje
Weg van Katwijk en de Zee

De eerste dag naast een kerkhof
Dat was pas reuze tof
Ja een zaaltje lekker droog
Bikkelhard op de stenen vloer
Dat was ontzettend stoer
Volgend jaar weer bij de boer

Wijs: ‘leven na de dood’
Wat kon de dolfijnen nou gebeuren met Anita in de boot
Er is leven, er is leven na de dood, na de dood, na de dood
Er is leven, er is leven na de dood
Evelien en Arie hebben een sterke band,
Dat stond later, dat stond later in de krant
In de krant, in de krant, dat stond later, dat stond later in de krant
Schimmen in het donker, de Nijghen met hun lamp,
Altijd licht, altijd licht op het kamp
Altijd licht, altijd licht, 
altijd licht, altijd licht op het kamp

Wijs: ‘er staat een paard in de gang’
Er staat een paard voor de tent
Ja, ja een paard voor de tent
Oh, oh een schaap voor de tent
Wat was Gerben toch een vent

Wijs: ‘oh middernacht’
Oh Richard schijn een lichtje op mij
Als ik moet hozen ben ik niet blij

Zo schijt je op de bril
In plaats van in de pot
De dader blijkbaar scheel
’t mag als je nodig mot

Oh lieve leden wij vonden het erg leuk
Jammer dat het voorbij is, we lagen in een deuk

Dit jaar zijn er ook veel verjaardagen op kamp: Jan-Maarten, Evelien en Marc.
:
Het kamp stond in het teken van ‘De Bestevaer Worldtour’. Iedere dag zal een ander land bezocht worden. De dag van het bezoek hijsen we de vlag van het betreffende land. Anita heeft beloofd om deze vlaggen te naaien, maar uiteindelijk heeft haar vader ze voor ons gemaakt. Anita bedankt!

Maandag 13 juli beginnen we in Nederland en vertrekken we met de boten uit Katwijk. Een deel van de leiding gaat alvast vooruit om het kampterrein op te zetten. We slapen met de zeeverkenners in een clubhuis in de buurt van het Aarkanaal dat net een bunker is. De leiding, onder aanvoering van Matthijs, ontdekt op het kampterrein dat er niet gemaaid is. De brandnetels van 1 meter hoog worden uiteindelijk pas dinsdagochtend gemaaid door de gemeente. Dit heeft zo’n beetje de hele ochtend geduurd.

Dinsdag komen we aan op het kampterrein en hijsen we bij het openen de Engelse vlag. Tijdens de plasverkenning wordt de wereld kaart onthuld die de route van het kamp aangeeft. In de kampkrant lezen we dat Amy van Arkel niet kan winnen van Arend met duimen en Peter Kralt bevorderd is tot opper-hudo-gat-graver. Woensdag 15 juli bouwen we in Schotland de rest van het kampterrein op. De steiger is erg veel werk maar er zijn verder geen goede aanlegmogelijkheden. De rest van de dag spelen we het Lochnes spel.Richard vd Plas gaat voor dit spel speciaal te water om de zeeverkenners te laten schrikken als monster!

Donderdag is een dag met mooi weer in Canada. ’s Ochtends hebben we eerst instructie gedaan en na de lunch hebben we op de Noordplas Canadees ijshokey gespeeld (Skipjes spel). ’s Avonds werd het pas echt eng. Tijdens de schimmentocht door nevelige sloten (dat kwam mooi uit) kwamen we bloederige vingers en een dode man tegen. Bij dit lijk kwam de geest uit de fles. Matthijs van Rijn blijkt in zijn eentje Annemiek, Simone, Fleur, Amy, Marjolein, Jaap en Erwin in de houdgreep kunnen houden.

Vrijdag zijn we in Brazilie. Na eerst uitgeslapen te hebben gaat de hele wacht één voor één onder de douche en daarna naar het dorp voor de nodige inkopen. Bij terugkomst stond Neptunes ons op te wachten: 5 zeeverkenners en drie opperbootsen worden gedoopt. De vierde Van Ruler betreedt het scheepsvolk van de Bestevaer. Zaterdag staat in het teken van Australië waarin we de kleren en onszelf wassen. Het zeilspel wordt ’s middags gewonnen door de bruinvissen hoewel de zeerobben bijna eerste geworden waren.

Zondag zijn we in Indonesië. ’s Avonds eten we dan ook Nasi en saté met de ouders. De dag begint met een bezoek aan de kerk. De dominee doet de veelzeggende uitspraak dat het onkruid harder groeit bij ons dan bij de buren. Hier weten wij alles van! Hierna komen de ouders en hebben we een kort postenspel met ze gedaan en is onduidelijk welke groep nu precies gewonnen heeft.

Maandag vindt plaats in China. ’s Ochtends worden de insignes afgenomen. Het weer was uitstekend voor de zwemmers: 30 graden. Helaas was er te weinig wind voor de zeilers en waren de roeiers bijna allemaal gezakt. Daarna hebben we allerlei Chinese spelen gedaan. De Inkies vragen of ze een keertje in een andere vlet de zeilwedstrijden mogen zeilen maar niemand wil ruilen.

Dinsdag wordt het een stuk primitiever in Zimbabwe. De dag start nog goed met een dagtocht naar het dorp maar ’s avonds hebben we onze primitieve overnachting. Overdag krijgen we bezoek van 6 paarden op het kampterrein. Gerben weet ze weg te jagen maar de meningen verschillen of dit geluk of wijsheid is. Verder zetten Anita en Arend bij zo’n beetje de hele wacht een tattoo. Het lied van Joris en Jan wordt ook veel gezongen maar wat is nu ook alweer de tekst:?

Joris en Jan,
Dat is een heel bijzonder span
Als je de één ziet,
Dan komt zeker nummer 2 erachter aan
Ik ken twee jongens die wonen samen in een flat,
En twee mannen die gaan zelfs samen in een bed,
Dan zijn het homo’s en m’n pa zegt dat het goor is.
Ha die Jan, Ha die Joris,
Toch vind ik Jan een leuke knul,
En ik vind Joris wel een stoot
Niets zeggen jongens, daar komen ze aan,
Ha die Joris, Ha die jan.
Woensdag sluiten we af met de bonte avond. De avond stond in het teken van de Henny-Penny show, gespresenteerd door Anita Huisvrouw. De jury bestond uit Boer Harmsen, Hippie Kim en Arenda. Hierna kregen we shows uit de hele wereld met onder andere Marloes en Nicolien uit Zimbabwe, iets vaags met koeien en draken, Marc en Hans over de Hudo en Erwin Tenssen met ‘Het spijt me’.

De volgende dag hebben we het kampterrein voor een deel afgebroken en zijn de jongeren opgehaald door hun ouders. Vrijdag hebben we alles opgeruimd en zaterdag zijn we teruggevaren naar Katwijk.
 


Zomerkamp 1999

Biesbosch, Weiland van boer Saarloos, 10 – 24 juli

Schipper: Gerben de Zwart
Stuurlieden: Bert-Rik de Zwart, Matthijs van Rijn, Anita Luimes, Richard vd Plas, Jan Maarten vd Oever
Opperbootslieden: Kimberly Dom, Erwin Jonker, Kees Nijgh
Opstappers: Arend Nijenhuis, Annemiek Meijvogel, Simone Schuitemaker
Boten: Snokker, 1016, 1050, 1051, 1066, Frikkebol, Skip + 2 vletten van de Abel Tasman

Neptunus: Matthijs van Rijn (op de 12e der hooimaand)
Trawanten:
Kees Nijgh: Mobiel Kees, van anti-snurk tot lollieturk
Erwin Jonker: Jonk, de ankerlijnhappende broodbonk

Dopelingen:
Kevin Hazekamp: Kev, van zusterhoeder tot natte broeder
Iris Heemskerk: Tierende Ier,  van Puberkind tot zeilvrind
Hester Boersma: Goedgelovige Hessie van Pyrovreester tot Lachebessie
Alex Ouwehand: Lex, de geketende zanger met een vreetcomplex
Stef Beking: Stefanus, de gespierde wrikmanus
Jantine Schoonenberg: Vlooienborstel Tien, die radslag hebben we nu nog steeds niet gezien
Katie Kralt: Keet de pratelende botendanster
Tamar van Duijn: Nieuwsgierige Taam, van Zwemtrien tot turnmachien
 

Programma:

Voor het eerst in de geschiedenis van de Bestevaer zijn we naar de Biesbosch gegaan. Hiervoor hadden we de vader van Dorien Slot bereid gevonden om ons met zijn sleper de ‘William” naar het kampterrein te varen: twee dagen heen en twee dagen terug. Bij de doorsteek op de Noord kwamen we even aan de verkeerde kant van het vaarwater terecht en de zeesleper die langsvoer nam geen gas terug! Gelukkig kwamen alle boten weer omhoog uit de enorme golven.
Vanwege de bereikbaarheid heeft de leiding besloten om een pre-paid mobiel telefoon aan te schaffen voor onze eigen groep. Hiermee zijn we voortaan bereikbaar voor de ouders.

Het kamplied op de wijs van “ome Jan”
Refrein:
Wij gingen naar de Biesbosch met een hele lange sleep
Er waren wel wat golven, maar die brachten we om zeep
Het kamp is nu voorbij en we moeten nu weer weg
Weer naar huis toe wat een pech

We gingen naar kamp toe met een hele grote bus
Alles was al opgebouwd, dat was een flinke klus
Het kamp kon beginnen, het thema was bekend
En het kampwoord was “krent”.

Asterix en Obelix die stonden nu centraal
We spraken niet in Galisch, want we kenden niet die taal
De Romeinen zijn verjaagd, ja ze gingen er vandoor
Ja daar zorgden wij wel voor.

Twee gestoorde jongens dat waren Marc en Hans
Ze waren nooit serieus al gaf je ze een kans
Zoenen werden gegeven, let op wat ik zing
Kijk daar loopt een lekker ding

We hadden ook een steiger, die stond niet altijd droog
Bij eb stond het water laag, en bij vloed erg hoog
Het maken was niet prettig, maar het resultaat mocht er zijn
Ja die steiger was erg fijn

Het was zaterdagochtend om een uur of tien
Neptunes die kwam langs ja, één jaar al niet gezien
De trawabteb gooiden modder, de kinderen werden goor
Maar Neptunes die ging door

Zondag kwamen de ouders, ze waren er een hoop
De leiding schrok zich rot, ze gingen op de loop
Kinderen zagen ouders, nieuwe voorraden gehad
Wat een lol was me dat

Veel vlaggetjes gewonnen, we deden hard ons best
We hadden leuke spelen en het weer dat deed de rest
Mensen in het water, we stonden echt perplex
Ja echt koud was die Alex

Het kam is nu weer voorbij en het lied is bijna klaar
We hebben erg genoten, ja dat is echt waar
Dit kamp zullen we niet gauw vergeten, we laten het niet los
Ja het kamp in de Biesbosch

Het kamp stond in het teken van ‘Asterix en Obelix’. De druide was dement geworden en kon zich de formule van de toverdrank niet meer herinneren. Tijdens het kamp kan iedereen vlaggetjes winnen met een geheimschrift. Aan het eind van het kamp heeft Cleopatra ons geholpen met de ontcijfering van de formule voor de toverdrank.

Vrijdag 9 juli vertrekken al 4 leidingsleden om de boten van de Abel Tasman op te halen en de steiger te bouwen. Vrijdagavond wordt de vrachtwagen ingeladen en met de hulp van de Abel Tasman wordt de vrachtwagen in Drimmelen gelost. Zaterdag 10 juli vertrekt de sleep met 3 leidingsleden en het kader naar de Biesbosch.

Maandag vertrekken de laatste 24 leden met de bus uit Katwijk. Dinsdag is een dag met stralend weer (27 graden) en Adriaan van Duijn (Aad de Logger) heeft beloofd vandaag ook te gaan zwemmen. Het Godenspel duurt de hele dag en ’s avonds wordt er ook nog instructie gegeven. In de kampkrant lezen we dat Hans, Marc en Chiron bij de buren geknipoogd hebben. In plaats van meisjes kwam er een man achter ze aan.

Woensdag vertrekken we met veel spullen want ’s avonds zullen we primitief overnachten. Het weer wordt helaas minder mooi. De dag sluiten we worstelend a,f waarvan Arie Haasnoot gewonnen heeft en het beest in Marloes boven kwam.

Donderdag gaan we naar het dorp vanaf de overnachtingsplaats. Anita wil graag een flink aantal roddels uit de wereld helpen: ze heeft haar broertje niet geslagen, heeft geen piercing en ze is ook niet zwanger. De snoe voorraden vullen we aan (Arjan koopt iets te veel). In de snackbar beleven Jaap, Hans, Marjolein, Amy, Arie en nog wat anderen een wild avontuur. In de snackbar hadden ze allemaal leeggedronken flessen op tafel gezet. Dit moest van de snackboy opgeruimd worden. De deur werd hiervoor speciaal op slot gedraaid. Verder ontdekt de leiding twee slachtoffers van hoofdluis. Anita en Kim inspecteren hierna de hele troep!

Vrijdag spelen we het groot slavenspel. Jan Maarten en Erwin hebben speciale slavenbewijzen gemaakt die verhandeld worden. De namen van de slaven lijken verdacht veel op alle zeeverkenners/sters. De bewijzen zijn zo populair dat na afloop van het kamp iedereen een kopie krijgt. ’s Avonds spelen we het spelen van het kader. Thijs blijkt tijdens het spel goed te zijn in het ontwijken van waterzakjes maar vaart hierdoor wel de kant in.

Zaterdag staat in het teken van de voorbereidingen voor de ouderdag: dopen, wassen en ’s avonds een kampvuur. Er worden 8 zeeverkenners en 2 opperbootsen gedoopt. Gerben komt vandaag aan omdat hij de eerste week moest werken. Zondag staan de eerste ouders al te wachten op de kant in Drimmelen, voordat we naar de kerk gaan. Erwin moet daarom zijn middagdutje missen. Helaas moeten de ouders nog even wachten, want eerst moeten wij met zijn allen weer naar de overkant. Het weer is perfect en behalve het spel wordt er heel veel gezwommen (de moeder van Jan Maarten zwemt zelfs naar de overkant) en we eten met alle ouders saté en een broodje gezond.

Maandag hebben we zeilwedstrijden en tekenen we de insignes af. De zeilwedstrijd wordt gewonnen door de Dolfijnen en iedereen haalt zijn zwem-, roei- of zeilinsigne. Alex Ouwehand komt alleen onderkoeld het water uit. De sfeer komt er goed in: Kim is zelfs in het water gegooid en Jaap heeft na 12 dagen een schone onderbroek aangetrokken.

Dinsdagochtend starten we met een potje Risk dat door de inktvissen gewonnen wordt. Het is alweer de laatste echte kampdag en de dag staat daarom in het teken van de bonte avond. ’s Middags hadden we eerst de Catherine Keijl show met het thema wiens leven verpest is door de zeeverkenners. Ook hebben we de show liefde op het eerste gezicht gedaan alsmede toneel en plybacken. Hoogtepunt was het kamplied. Hester danst het allerleukste op de Bonte Avond.

Woensdag volgt de ontknoping van het kamp en gaan alle leden (behalve het kader) naar huis.

Op donderdag wordt het kampterrein afgebroken. Het opbranden van alle pallets gaat tot diep in de nacht door.

Zaterdag 24 juli komen we aan het eind van de dag weer voldaan thuis.